Onjuiste informatieverstrekking Tweede Kamer met verstrekkende gevolgen volksgezondheid


EuroStaete . . EKC . . Klokkenluiders <===> SDN . . Wolmanzouten . . English

Staatssecretaris Van Geel van VROM geeft eindelijk toe dat diffuse vergiftiging heel gevaarlijk is voor de volksgezondheid. Hij vermeldt wel dat ook zware metalen op die diffuse manier een steeds groter milieuprobleem vormen. Hij gaat daar helaas heel summier op in, terwijl dat gevaar veel groter is dan de afvalproducten van medicijnen en hormonen uit geneesmiddelen. Het levende organisme in het oppervlaktewater wordt dus van twee kanten bedreigd.

Enerzijdds door de hormonen en afvalproducten van medicijnen die niet weggefilterd kunenn worden, en anderzijds door de massale diffuse verspreiding van giftige stoffen en zware metalen door o.a. de kolencentrales en de verwerking van vliegas in bouwmaterialen en wegen. Luister naar de radio-uitzending met staatssecretaris van VROM mr. Pieter van Geel op Radio-1 van 4 juli 2005. De brief aan de Tweede kamer van het EKC uit 12 april 2001 is dramatisch wat betreft het stilzwijgen van het parlement over diffuse vergiftiging van het milieu.

Henry George (1839-1897): De Aarde behoort toe aan alle levende wezens

    't Achterom 9a
    5491 XD
    Sint Oedenrode
    Tel. 0413-490387
    Fax. 0413-490386

Aantekenen met ontvangstbevestiging
Sint Oedenrode 12 april 2001

De Tweede kamer der Staten Generaal,
t.a.v. Voorzitter mw. J. v. Nieuwenhoven,
Postbus 20018, 2500 EA 's-Gravenhage.

De Eerste kamer der Staten Generaal,
t.a.v. Voorzitter Mr. F. Korthals Altes,
Postbus 20017, 2500 EA 's-Gravenhage.


Betreft: Verzoek om:

  • kennis te nemen van de onder punt 1 genoemde feiten.
  • de onder punt 2 genoemde vragen te beantwoorden.

Ons kenmerk: TEK/12041/VZ

    Geachte voorzitter, Mevrouw van Nieuwenhoven,
    Geachte voorzitter, mijnheer Korthals Altes,


Hierbij breng ik u ondergenoemde feiten en vragen onder uw aandacht. Alle volksvertegenwoordigers van Tweede en Eerste Kamer dienen dit te weten. Ik wil u daarom vragen hen allen een afschrift van deze brief te laten toekomen.



    1. DE FEITEN.

In onderhavige zaak zijn de volgende feiten van belang:

1.1

  • Foutieve belabeling /etikettering van het bestrijdingsmiddel Superwolmanzout-Co, toel.nr. 8228N, van Hickson Garantor B.V. te Nijmegen. Op het etiket en bijbehorend veiligheidsinformatieformulier schrijft Hickson Garantor B.V. dat Superwolmanzout-Co 304 g/l arseenpentoxide bevat 1).

  • Uit chemisch onderzoek verricht door de Keuringsdienst van waren is vast komen te staan dat Superwolmanzout-Co in werkelijkheid 374 g/l arseenzuur bevat 2).

  • Het VN-nummer van arseenpentoxide is 1559, dat van arseenzuur is 1553 3).

  • In geval van ongevalsbestrijding zijn de veiligheidsvoorschriften voor arseenpentoxide en arseenzuur grotendeels afwijkend 3).



    Enkele belangrijke verschillen zijn:

    1.2

  • Ontduiken Europese Risicobeoordeling door de Commissie van de Europese Gemeenschappen bij Verordening (EG) nr. 142/97 (pbEG L25) vastgesteld en rechtstreeks opgelegd aan Hickson Garantor B.V. te Nijmegen.

    Op 27 januari 1997 heeft de Commissie van de Europese Gemeenschappen de Verordening (EG) nr. 142/97 vastgesteld. De fabrikant(en) en importeur(s) van in de bijlage van deze verordening vermelde stoffen moeten de commissie binnen 4 maanden na inwerkingtreding van deze verordening alle relevante en beschikbare informatie verstrekken over de blootstelling van mens en milieu aan deze stoffen.

    • Arseenzuur staat wel op deze lijst.
    • Arseenpentoxide staat niet op deze lijst 4)5).

    Met de onder 'punt 2.1' opzettelijk aangebrachte foutieve belabeling/etikettering heeft Hickson Garantor B.V. al 4 jaar lang de wettelijk verplichte Europese risicobeoordeling voor arseenzuur in Superwolmanzout-Co weten te omzeilen 6)7).

    1.3

  • Voorzitter C. Boon van de VHN maakt zich al jarenlang schuldig aan het stelselmatig voorliegen van alle Nederlanders via media, radio, TV en internet over de milieu- en gezondheidsschade die ontstaat als gevolg van de toepassing van gewolmaniseerd hout. Dat het KOMO-gekeurde gewolmaniseerde hout nauwelijks uitloogt is een fabeltje. De heer van Breukelen te Zeewolde heeft het regenwater dat vanaf zijn gewolmaniseerde schuur liep laten onderzoeken. De resultaten waren alarmerend.

    Het betreffende water bevatte maar liefst 1200 µg/l arseen, 710 µg/l chroom en 1500 µg/l koper. Deze concentraties in regenwater zijn normaal 0 tot 1,5 µg/l arseen, 0 tot 1 µg/l chroom, 0,6 tot 12 µg/l koper. Bij gehalten boven de interventiewaarde is er sprake van een wettelijk gedefinieerde verontreiniging en levensgevaar. De interventiewaarden zijn: arseen 60 µg/l, chroom 30 µg/l en koper 75 µg/l. De gevonden concentraties gaan deze interventiewaarden voor wat betreft arseen 20 maal, chroom 23 maal en koper 20 maal te boven. 8)

    Dit is al 3 ½ jaar lang bekend bij ing. C. Boon, voorzitter van de Vereniging voor Houtimpregneerinrichtingen in Nederland (VHN). Ondanks deze wetenschap liegt hij hierover alle Nederlanders via media, radio, TV en internet nog steeds voor. Het uitlogende arseen is arseenzuur en derhalve levensgevaarlijk. Elke aanraking met de huid, hoe gering ook, moet worden voorkomen 10).

    Een verplichte Europese risicobeoordeling zal uitwijzen dat al dit gewolmaniseerde hout dat in kontact kan komen met oppervlaktewater, regenwater of bluswater in geval van brand, onmiddellijk dient te worden verwijderd en droog en brandveilig moet worden opgeslagen.

    1.4

  • Bij ongecontroleerde verbranding van gewolmaniseerd hout komt ca. 50% van het arseen in de lucht terecht.

    In geval een huis, schuur of schutting waarin gewolmaniseerd hout zit verwerkt in brand opgaat dan hebben we te maken met een ongecontroleerde verbranding waarbij ca. 50% van het arseen in de lucht terecht komt, nagenoeg volledig in deeltjes, waarvan de massadiameter varieert tussen ca. 0,3 en 3 µm, waarvan 85 % beneden 1 µm is en als zodanig tot de fijnste aërosolfractie behoort 9). Deze zeer fijne deeltjes dringen gemakkelijk door tot in het diepste van de longblaasjes hetgeen levensgevaarlijk is.

    In geval van regenweer of blussen met water vormt zich arseenzuur dat ook nog via de huid het lichaam binnendringt 10). Arseenzuur valt in de zwaarste klasse, de klasse 1, van kankerverwekkende stoffen 11)12). Arseenzuur is ook verdacht reprotoxisch, hetgeen inhoudt dat het toxische effecten op de reproductiefunctie van vrouwen en/of mannen (o.a. impotentie, fertiliteitsproblemen, menstruatiestoornissen, testiskanker) en/of toxische effecten op het geslacht via vrouwen en/of mannen (o.a. miskramen, ontwikkelingsstoornissen, doodgeboorte) als gevolg kan hebben 13).

    Arseenzuur is ook een zwarte lijststof. In internationaal verband is besloten dat in het milieu brengen van zwarte lijststoffen gezien hun stofeigenschappen, zoals giftigheid - waaronder carcinogeniteit, mutageniteit en teratogeniteit - afbreekbaarheid en (bio)accumulatie, die een ernstig risico inhouden, via een maximaal brongerichte aanpak met de best bestaande techniek dient te worden voorkomen 14).

    1.5

  • Hoeveel arseenzuur brengt Hickson Garantor B.V. jaarlijks in Nederland in het milieu zonder een daarvoor vereiste Europese risico beoordeling.

    In Nederland wordt jaarlijks tussen de 750.000 en 950.000 m3 hout gewolmaniseerd. Per m3 wordt zo'n 7 kg. Superwolmanzout-Co ingebracht 15). 1 liter Superwolmanzout-Co weegt 1,75 kg. 1). Er worden dus 4 liters per m3 ingebracht. 1 liter Superwolmanzout-Co bevat 374 gram arseenzuur, 532 gram chroomtrioxide en 188 gram koperIIoxide. 1 m3 gewolmaniseerd hout bevat dus 1,5 kg. arseenzuur, 2,1 kg. chroomtrioxide en 0,8 kg. koperIIoxide. Zo'n 40% van de 900.000 m3 hout is geïmpregneerd met impregneermiddelen op basis van arseen, chroom VI en koper (CCA-hout) 15).

    Uitgaande van die 40% CCA-hout komt dat neer op een jaarlijkse dumping van 540.000 kg. arseenzuur in Nederland. Ook in België, Engeland en mogelijk nog andere EU-lidstaten dumpt Hickson Garantor op soortgelijke wijze enorme hoeveelheden arseenzuur zonder een verplichte risicobeoordeling.

    1.6

  • Slechts 1 m3 gewolmaniseerd vergiftigt maar liefst 13 miljoen liter water met arseen boven de interventiewaarde en 36 miljoen liter water met chroom VI boven de interventiewaarde. Alle zuren of zouten van zuren, behalve kiezelzuur, lossen volledig op in water. Dus ook het in het hout ingebrachte arseenzuur en chroom VI zuur (chroomtrioxide) en zouten daarvan. Het grondwater of oppervlaktewater is ernstig verontreinigd als het boven de interventiewaarde zit. De interventiewaarde bedraagt voor arseen 60 µg/l en voor chroom 30 µg/l.

    1 m3 geïmpregneerd hout bevat 1,5 kg. arseenzuur (H3AsO4), hetgeen 795 gram arseen bevat. Dit vergiftigt ruim 13 miljoen liter water met arseen boven de interventiewaarde. Dezelfde m3 geïmpregneerd hout bevat ook nog 2,1 kg. chroomtrioxide (CrO3) hetgeen 1092 gram chroom VI bevat. Dit vergiftigt ruim 36 miljoen liter water met chroom VI boven de interventiewaarde. Op dit moment staat in Nederland nog zo'n 8.000.000 m3 van dergelijk gewolmaniseerd hout uit 14). Als gevolg van deze opzettelijke foutieve etikettering heeft Hickson Garantor B.V., zonder een daarvoor vereist Europees veiligheidsrapport, vanuit Nederland ook grote delen van West Europa kunnen vergiftigen met miljoenen kilogrammen arseenzuur in gewolmaniseerd hout.

    Met name in Engeland en België is Hickson Garantor B.V. ook zeer actief. Zo'n 25% van dit goed in water oplosbaar arseenzuur en chroomtrioxide trekt op termijn de grond in en verontreinigt het grondwater en later het drinkwater. Zo'n 75% van betreffend arseenzuur en chroomtrioxide in de vele miljoenen m3 gewolmaniseerd hout, die in Nederland en West Europa nog uitstaan, komen via de Rijn en de Maas in opgeloste vorm in de Noordzee terecht. Via de kieuwen van de daarin zwemmende vissen komt het in de vis terecht. Mede als gevolg hiervan bevat de vis en de Noordzee heden zo'n hoge concentraties arseen dat zelfs het visvlees veelal als gevaarlijk afval moet worden bestempeld. De arseenconcentratie in de organen van die vis is nog veel hoger. Hiervan wordt vismeel gemaakt. Dit vismeel wordt toegevoegd aan varkensvoer, kattenvoer, kippenvoer, e.d. De boer rijdt het met vismeel vergiftigde mest weer op het land uit. Als gevolg daarvan wordt het daarop groeiende voedsel weer vergiftigd. De boeren krijgen de schuld van dit alles, terwijl Hickson Garantor B.V. dit heeft veroorzaakt.


      2. DE VRAGEN.

    Naar aanleiding van ondergenoemde feiten wil ik u de volgende vragen stellen.

    Vraag 1.
    Welke stappen gaat u ondernemen tegen de foutieve belabeling/etikettering van het bestrijdingsmiddel Superwolmanzout-Co door Hickson Garantor B.V. te Nijmegen?

    Vraag 2.
    Welke stappen gaat u ondernemen tegen het ontduiken van de Europese risicobeoordeling door Hickson Garantor B.V. te Nijmegen, zoals die is vastgelegd, krachtens verordening van de Europese Commissie d.d. 27 januari 1997, nr. 142/97 (pbEG L25)?

    Vraag 3.
    Welke stappen gaat u ondernemen tegen de houtimpregneerbedrijven Hickson Garantor B.V. te Nijmegen, Hickson Garantor B.V. te Amsterdam, Foreco te Dalfsen, Gebr. van Aarle B.V. te Sint Oedenrode, etc. die met genoemd Superwolmanzout-Co van Hickson Garantor B.V. werken en in grote hoeveelheden in voorraad hebben. Binnen deze houtimpregneer-bedrijven is de voorraad Superwolmanzout-Co aanwezig in geconcentreerde vorm, in een 4% opgeloste vorm met water en in gewolmaniseerd hout.

    Vraag 4.
    Welke stappen gaat u ondernemen tegen de distributiebedrijven, zoals Van den Anker Beheer B.V. te Son, die volgens betrouwbare bronnen grote hoeveelheden van dit Superwolmanzout-Co van Hickson Garantor B.V. in opslag heeft?

    Vraag 5.
    Nagenoeg alle woonhuizen, schuren en bedrijfsgebouwen bevatten intussen met arseenzuur geïmpregneerd hout. In geval van brand en blussen met water, wordt betreffend bluswater sterk vergiftigd met het goed in water oplosbare arseenzuur, chroomtrioxide of zouten daarvan. Dergelijk besmet bluswater is zo gevaarlijk voor mens, dier en milieu dat het moet worden opgevangen. Hoe denkt u dat te realiseren?

    Vraag 6.
    Nagenoeg alle, woonhuizen, schuren en bedrijfsgebouwen bevatten intussen met arseenzuur geïmpregneerd hout. Ingeval van brand komt zo'n 50% van dat arseenzuur vrij in de lucht in zeer kleine deeltjes. deze deeltjes zijn veel gevaarlijker dan die van asbest en worden opgenomen via de longen en in combinatie met regenwater of bluswater ook door de huid. Hoe beschermt u de brandweerlieden, publiek en omwonenden hiertegen ?

    Vraag 7.
    Al het aan (regen)water blootstaande gewolmaniseerde hout vergiftigt bodem, grondwater en oppervlaktewater met enorme hoeveelheden arseenzuur en chroomtrioxide. Laat u dat allemaal weghalen? Gezien de ernst van bovengenoemde feiten zou ik een spoedige beantwoording op bovengenoemd 7-tal vragen erg waarderen.


      Hoogachtend,

    ing.A.M.L. van Rooij, veiligheids- en milieudeskundige

      Ecologisch Kennis Centrum BV
      Voor deze

      Ing. A.M.L. van Rooij,
      directeur.


    Deze brief hebben wij laten registreren bij:


    Bijgevoegde referenties.

    1. Veiligheidsinformatieblad van het bestrijdingsmiddel Superwolmanzout-Co, toel.nr. 8228N, van Hickson Garantor Nederland B.V. (2 pagina's).
    2. Verslag chemisch onderzoek van Superwolmanzout-Co van Hickson Garantor B.V. van de Keuringsdienst van waren te Groningen. (2 pagina's).
    3. Gedeelte uit alarmgids ongevalbestrijding gevaarlijke stoffen van dr. ing. H.D. Nübler, van 1995, Koninklijke Vermande (6 pagina's).
    4. Publicatie "EEG/793/93, parallelle lijst vastgesteld" in het RIVM/Informatiebulletin Milieugevaarlijke stoffen van maart 1997, jaargang 4, nummer 1 (1 pagina).
    5. Verordening (EG) nr. 142/97 van 27 januari 1997 van de Commissie van de Europese Gemeenschappen (4 pagina's).
    6. Onze brief van 21 januari 2001, kenmerk: VROM/21011/vi, aan de minister van VROM, drs. J.P. Pronk (2 pagina's).
    7. Brief van 6 februari 2001, kenmerk: MJZ2001014946, van de minister van VROM (2 pagina's).
    8. Onze brief van 22 maart 2001, tevens persbericht (incl. bijlagen) aan ing. C. Boon, voorzitter van de VHN (4 pagina's).
    9. Voorblad, blz. 22, 39 en 40 uit basisdocument arseen, rapport nr. 758701002, van januari 1990 van het RIVM (4 pagina's).
    10. Voorblad, blz. 4 en blz. 5 uit het protocol "arsenicum" S30-21 van de inspectiedienst SZW (3 pagina's).
    11. Voorblad, blz. 35 en 36 uit het Besluit kankerverwekkende stoffen en processen van 9 februari 1994, stb 41 (3 pagina's).
    12. Voorblad, blz. 1, A2 en A3 uit de brochure "durf de dingen eens zwart in te zien, dan wordt alles rooskleurig" uitgegeven door het Commissariaat-Generaal voor de Bevordering van de Arbeid (België) in verband met hun nationale informatie campagne over de beroepskankers (4 pagina's).
    13. Voorblad, blz. 5 en blz. 28 uit het Reprotox achtergronddocument S138-1 van het ministerie van SZW (3 pagina's).
    14. Blz. 1, 52, 53, 54 en 55 uit het Indicatief Meerjarenprogramma Milieubeheer 1986-1990 van de Tweede Kamer der Staten Generaal vergaderjaar 1985 - 1986, 19204 nrs. 1-2 (5 pagina's).
    15. Voorblad, blz. 7, bijlage 3, uit het rapport projectnummer 3721132, van 24 december 1999 van Tauw B.V. en SHR (3 pagina's).