Klokkenluider Karel de Werd vecht 35 jaar om recht en kreeg zwijggeld van de bonden wegens boycot van zijn bedrijf

De geheimen van Vrouwe Justitia


Antecedentenregistr RM . . . . De Werd homepage . . . . Schandpaal

WIE BEWAAKT DE BEWAKERS?


Sent: Thursday, January 05, 2006 7:56 PM
Subject: Fw: Aan de Hoofdofficier van Justitie Parket Amsterdam

Sent: Thursday, January 05, 2006 7:51 PM

Subject: Aan de Hoofdofficier van Justitie Parket Amsterdam

De Geheimen van Vrouwe Justitia

Aan de Hoofdofficier van Justitie Parket Amsterdam. Mr. Leo de Wit

Parnassusweg 220
Postbus: 84500 1080 BN Amsterdam
Amsterdam d.d. 5 october 2006

Edelgrootachtbare heer,

Betreft: ernstig handelen en nalaten, anders dan uit hoofde van ziekte of gebreken, waarop de Formele Wetgever blijkens de inhoudelijke strekking van art. 11 lid c juncto 12 Ro, (oud ) art. 25 Ro , 510 en 511 Sv ter bescherming van het aanzien van de Rechtspleging c.q. een behoorlijke procesgang voorzover nog aanwezig het onmiddellijk oneervol ontslag uit de Rechtelijke Macht en strafrechtelijke vervolging heeft gesteld zodat: Ik u eerbiedig verzoek, voorzover nodig u daartoe sommeer op straffe van rechtsgevolgen mijnerzijds te weten een art. 12 Sv procedure bij het Gerechtshof Ressort Amsterdam de hiernavolgende individuen ten spoedigste aan te merken als zijnde verdachten in de zin van art. 27 Sv en ter berechting van deze togacriminelen, het verzoekschrift ex art. 510 lid 1 Sv tot de Hoge Raad der Nederlanden te zenden.

  1. De officier van justitie parket Leeuwarden
  2. Griffier MLK van der Hilst Rechtbank Amsterdam
  3. Officier van Justitie H. Hoekstra
  4. Th. Van der Meer Voorzitter Sector Kanton.

Dit viertal (vooruitlopend op hun berechting) hierna te noemen de verdachten vormden gezamenlijk een criminele organisatie ex art. 140 Sr ter aanranding van een behoorlijke procesgang c.q. mijn juridische belangen. Dit in goed onderling overleg aldus in koele bloede en samenspanning ex art. 80 Sr en onder de verzwarende omstandigheid van art. 44 Sr gepleegd te weten:

  1. Meineed in 2001 en 8 november 2005 ten overstaan van de politierechter herhaalde malen ex art. 207 lid 2 Sr gepleegd.

  2. Het verduisteren van de complete kantongerechtzitting, d.d. 17/08/05 waarbij de officier van Justitie parket Leeuwarden vergeefs heeft gevorderd mij te mogen gijzelen.

  3. Het in strijd met de Formele Wet, Grondwet en Internationale Verdragen strikt geheim houden van de openbare schriftelijke uitspraak voor mij als direct belanghebbende, alsof ware het een staatsgeheim.

  4. Het traineren van een behoorlijke procesgang via de weigering bij de Griffie tot inzage in het procesdossier en de weigering er akte van te nemen, dat ik volstrekt rechtmatig gebruik wenste te maken van mijn beroepsmogelijkheden terzake.

  5. Het verduisteren van formele documenten; te weten mijn formele aangifte bij u als hoofdofficier van Justitie van de strafbare feiten c.q. ambtsdelicten door de verdachten 1 en 2 gepleegd. Voorts twee verzoekschriften waarmee ik mij volstrekt rechtmatig tot de rechtbank had gewend; te weten één verzoek tot bevel aan de officier van Justitie tot afgifte van een kennisgeving van niet verdere vervolging, en een verzoek tot het bevel aan de officier van Justitie om het illegale bevel tot mijn arrestatie, gebaseerd op valsheid in geschrifte, door de verdachten 1 en 2 gepleegd onmiddellijk in te trekken c.q. de illegale stafrechtelijke vervolging met onmiddellijke ingang te beŽindigen.

  6. De ambtsdelicten onder 2/5 weergegeven hebben ten doel mij onrechtmatig van de mij rechtens toekomende individuele vrijheid te beroven, waartoe de togacrimineel Griffier M.L.K. van der Hilst volstrekt onbevoegd een kruisje heeft geplaatst op het voorgedrukte pamflet bij "zeven dagen gijzeling toegewezen". Het betreft hier voltooide ambtsmisdrijven, daar de onrechtmatige vrijheidsberoving via valsheid in geschrifte en misbruik van de gewapende macht niet is gelukt, anders dan door eigen toedoen. Te weten, omdat ik ben ondergedoken ter voorkoming van mijn onrechtmatige vrijheidsberoving.

  7. Misbruik van de gewapende macht ter versluiering van hun Criminele Organisatie ex art. 140 Sr, door mij als benadeelde te confronteren met veel politie, zelfs tijdens de strafrechtelijke zittingen, dit om op gespannen voet met de feitelijke waarheid voor derden visueel te doen voorkomen alsof ik gevaarlijk zou zijn,

  8. Ernstig geknoei in de dagvaarding, waarin ondanks het voorgaande op gespannen voet met de feitelijke waarheid, wordt vermeld dat er sprake zou zijn van rechtmatige uitoefening van het ambt!

  9. Het ongelimiteerd schenden van de openbaarheid

  10. Valse aangifte, waarin genoemde de leden van genoemde criminele organisatie ex art. 140 Sr c.q. de verdachten op gespannen voet met de feitelijke waarheid, alle de door hen gepleegde ernstige ambtsmisdrijven ontkennen te hebben gepleegd, dit ondanks dat het overvloedig wettig overtuigend bewijs daarvan mijnerzijds ten laste van hen onvervreembaar werd gearchiveerd, waarvan akte!

Bijlagen c.q. wettig overtuigend bewijs terzake. Zie de formele aangifte d.d. 22/05/05 met bijlagen tot u gezonden, voorzover niet verduisterd door de genoemde criminele organisatie en ingekomen bij de centrale balie blijkens het griffiestempel op 23 mei 2005 en geparafeerd door baliemedewerker.

Voorts heeft de Kantonrechter op één februari 2005, waarbij de officier van Justitie wederom vergeefs mijn gijzeling heeft gevorderd, mij formeel kenbaar gemaakt en ik citeer: 'Heer de Werd u mag het zeggen, indien u mij wenst te wraken, dan zal ik daarin berusten. U kunt echter ook mij verzoeken de eis van de officier van Justitie u te mogen gijzelen wederom af te wijzen. Het maakt niet uit wat u van mij verlangt, u kiest maar het zal u altijd worden toegewezen. Het is ook mijn taak als rechter te waken tegen machtsmisbruik, dus wat de officier van Justitie hierover nog heeft te zeggen, daar trekken wij ons niets van aan!!"

Genoemde Kantonrechter was zeer verbolgen over het feit, dat ik haar onweersproken door de officier van Justitie met wettig overtuigd bewijs te weten de opname van de Kantongerechtzitting d.d. 17 augustus 2004 aantoonde dat er tijdens die Zitting nimmer een machtiging tot gijzeling werd afgegeven, aldus door de verdachten één en twee, valselijk documenten werden opgemaakt met als doel mijn onrechtmatige vrijheidsberoving.

De opnames van genoemde zitting zijn eveneens te beluisteren op http://www.sdnl.nl/de-werd/de-werd-getuigenlijst.htm. Tot slot laat ik u weten dat op 8 november 2005 de politierechter de zitting heeft geschorst tot half februari, omdat ook zij ten behoeve van waarheidsbevinding terzake, de CD van de Zitting d.d. 17 augustus 2004 en hetgeen kort daarop volgde zelf wenst af te luisteren. Bij voortzetting van de zitting zal u door mij als getuige worden gehoord, met name over de talrijke ambtsdelicten zoals door genoemde criminele organisatie onder uw juridische eindverantwoordelijkheid gepleegd.

U gaat daarbij uitleg geven, aan de politierechter, waarom de schriftelijke uitspraak van de Kantonrechter d.d. 17 augustus 2004 voor mij tot op heden ten dage strikt geheim wordt gehouden, als ware het een staatsgeheim. Althans u mag daartoe een poging ondernemen, bij gebreke waarvan u hoogst persoonlijk alsnog genoemde uitspraak bij de Politierechter overlegt, evenals alle overige formele documenten die mijnerzijds formeel ter Griffie werden ingediend, waarvan akte!

Daar ik geen enkele reactie kreeg, op de door mij bij de centrale balie ingediende formele documenten, begaf ik mij vlak voor de zitting d.d. 8 november 2005 daarheen. De baliemedewerker liet mij weten dat hij in zijn computer geen enkel document kon vinden.

Toen ik hem vervolgens de kopieŽn met daarop de griffiestempels toonde waaruit onomwonden formeel blijkt dat genoemde documenten bij de centrale balie werden ingediend, kwam de baliemedewerker met de schokkende bekentenis, dat verdachte 3 te weten H. Hoekstra als `officier van Justitieī aan de Centrale Balie opdracht heeft gegeven dat alle formele documenten die door de Werd zouden worden ingediend, ook de verzoekschriften waarmee ik mij formeel en volstrekt rechtmatig tot de rechtbank had gewend, onmiddellijk naar haar doorgezonden diende te worden.

Ook deze schokkende bekentenis, waaruit onomwonden blijkt dat H. Hoekstra, in goed onderling overleg aldus in samenspanning ex art 80 Sr met de griffier van de centrale balie en onder de verzwarende omstandigheid van 44 Sr in koelen bloede ter aanranding van een behoorlijke procesgang c.q. de Nederlandse rechtsorde op grote schaal formele documenten heeft verduisterd, waarvan akte! Het wettig overtuigend bewijs hiervan trachtte zij te verduisteren door op 8 november 2005, bij de politierechter haar eigen niet ontvankelijkheid als officier van Justitie te vorderen in de zaak uit 2001, met een andere dagvaarding en ander parketnummer, die zijzelf op onrechtmatige wijze had afgebroken. Dit zonder dat ik daartoe een oproep had ontvangen, waarvan akte!

De politierechter dwaalde dan ook op haar gewiekst arglistig bedrog, door die vordering onrechtmatig toe te wijzen, dit ondanks dat ik haar bij de aanvang van de zitting al had geadviseerd deze pan met hete aardappelen die ontegenzeggelijk de grootste juridische zwendelaffaire uit de Nederlandse rechtsgeschiedenis vertegenwoordigt door te schuiven naar de Meervoudige Strafkamer, juist omdat Hoekstra deze uitermate gecompliceerde zaak in strijd met de richtlijnen van het Ministerie van Justitie bij de Politierechter, aldus de enkelvoudige kamer, aanhangig heeft gemaakt om de kans op de door haar gewenste gerechtelijke dwaling, te maximaliseren.

Het OM is ondanks haar huiveringwekkende bekentenissen en die van de Minister van Justitie bij de Nationale Ombudsman d.d 23 juli 2003, die formeel nogmaals werden bevestigd door de juridisch Hoogleraar Roel Fernhout in zijn ambt van Nationale Ombudsman, en ondanks de bemiddelingspogingen van de ex-officier van Justitie mr. R.W. Asser, waarbij zeer verstrekkende concessies mijnerzijds werden gedaan om tot oplossing van deze onverkwikkelijke affaire tot tevredenheid van alle betrokken partijen te kunnen komen, niet bereid is gebleken dit in strijd met de Formele Wet de schade voortvloeiende uit de zeer talrijke onrechtmatige overheidsdaden ten laste van de toekomst en het levensgeluk van mij en mijn gezin gepleegd, te vergoeden.

Reden waarom de juridische degens tussen mij en het OM ter fine voor de rechter alsnog in mijn voordeel dient te worden beslist! Dit rechtvaardigt geenzins, dat het OM met derden ter aanranding van een behoorlijke procesgang via ernstig handelen en nalaten een criminele organisatie ex art. 140 Sr vormt, zoals terzake het geval gebleken. De betrokken togacriminelen worden mijnerzijds onder no. 1 t/m 4 formeel aangemerkt als zijnde verdachten in de zin van art. 27 Sv met overvloedig wettig overtuigend bewijs. Zij dienen dan ook geheel overeenkomstig de bedoelingen van de Formele Wetgever met de daarbij behorende rechtsgevolgen te worden geconfronteerd. Immers:

Ik ben het als benadeelde van genoemde criminele organisatie volstrekt eens met één van hun bendeleden (te weten de Sector- Voorzitter Kanon Th. Van de meer) die in zijn valse aangifte waarbij hij zich bezondigt aan ernstige laster en smaad ter aanranding van mijn eer en goede naam laat weten, met als doel de criminele activiteiten van zijn juridische bende te versluieren en ik citeer: "Juist dan is het echter van belang te blijven waken over grenzen die niet overschreden behoren te worden en welke overschrijdingen niet zonder gevolgen behoren te blijven!" Einde citaat:

Voorts wenst hij vazelfsprekend op hoogte te worden gebracht, over de wijze waarop het OM mij als slachtoffer van hun criminele activiteiten gaat vervolgen. Welnu van de Meer daarover kan ik wel uitsluitsel geven. de politierechter heeft op 8 november 2005 de zitting geschorst tot half februari, om zich nader te informeren over jullie criminele activiteiten. Bij voortzetting van de zitting half februari, wordt jullie juridisch gespuis door mij onder ede ondervraagd over de werkelijke gang van zaken.

Ik zou zeggen pies maar vast in jullie togaīs van angst, want dat is mijn specialisme! Tot op de minuut nauwkeurig en tot in de aller kleinste details gaan jullie met de billen bloot als zijnde juridische zwendelaars in overtreffende trap, evenals de Brigadier van Politie J.F. Grinhuis gelet op zijn ambtsedig procesverbaal d.d. 6 oktober 2005.

Deze relatief ongeletterd man heeft zich aangesloten bij jullie criminele organisatie ex art. 140 Sr ter aanranding van een behoorlijke procesgang, zelfs daartoe meineed ex art. 207 lid 2 Sr meineed heeft gepleegd, waarbij hij via ernstig geknoei in zijn ambtsedig proces-verbaal het ook nog heeft aangedurfd ten laste van een behoorlijke procesgang een strikt juridische volkomen rechtmatige dreiging om te zetten in een fysieke dreiging. Het spreekt vanzelf dat ook dit malafide individu met de rechtsgevolgen van zijn ambtelijke corruptie dient te worden geconfronteerd. Immers:

Ook hij ging er daarbij vanuit, evenals de betrokken bendeleden, genoemd onder 1 t/m 4, dat zijn pakkans gelet op het ontstellend gebrek aan journalistiek / politieke controle op zijn ambtshalve decadent functioneren terzake vrijwel nihil zal zijn. Het is aan u Edelgrootachtbare heer de Wit, gelet op de feitelijke gegevens u thans ter beschikking gesteld onder overvloedig wettig overtuigend bewijs en uw wettelijke taak, er voor te zorgen dat de rechtspleging definitief van dit soort malafide individuen wordt gezuiverd, bij gebreke waarvan u zichzelf in de verdachtenhoek plaatst, ondanks dat u nog steeds van mij uit procestechnische overwegingen het voordeel van de twijfel heeft!

Tot ziens in de rechtszaal heer de Wit, waar ook u door mij juridisch zal worden gefileerd. Ik adviseer u aldaar door mij ondervraagd, de waarheid te spreken en niets anders dan de gehele waarheid, dit op straffe van de u bekende rechtsgevolgen waarvan op voorhand akte!

Ten overvloede nogmaals: De uitvoerende organen van de formele wetgever, waaronder uw OM worden mijnerzijds formeel niet erkend als zijnde de vertegenwoordiging van het wettig gezag, alvorens de veroorzaakte schade voortvloeiende uit de talrijke onrechtmatige overheidsdaden mijnerzijds tot op heden begroot op 12.000.000 euro fiscaal vrij, via een akte van dading in zīn geheel wordt vergoed. Voorts komen alle excessen voortvloeiende uit voortzetting van dit conflict hoe ernstig van aard en/of omvang dan ook geheel voor rekening van de Staat der Nederlanden en de betrokken corrupte ambtenaren. Ik houd hen als benadeelde terzake daartoe zowel in persoon als hoofdelijke aansprakelijke voor de gehele schade waarvan akte!

Hoogachtend,

K.H de Werd

Postbus: 36157
1020 MD Amsterdam.

C.c.: Tweede Kamer, media, SDN (Sociale Databank Nederland)

De overname van de rechtspleging door togacriminelen tijdens de grootste juridische zwendelaffaire uit de Nederlandse Rechtsgeschiedenis.