Antwoord van Nationale Ombudsman mr. drs. M. Oosting


EuroStaete . . EKC . . Klokkenluiders <===> SDN . . Wolmanzouten . . English

De Nationale ombudsman


Postadres       Stadhoudersplantsoen 2  Telefoon             Doorkiesnummer
Postbus 29729   's-Gravenhage           070-3563563          070-3563567 SB/dk

2502 LS 's-Gravenhage                   Telefax 070-3607572  Datum 03 okt.1997

                                                             Ons nummer
                                                             97.04316 003
De heer ing. A.M.L. van Rooij                                Uw brief
't Achterom 9a                                               20 juli 1997
5491 XD  SINT OEDENRODE                                      Uw kenmerk
                                                             VWS SZW120077

                                                             Bijlagen

                                                             Behandelend medewerker
                                                             Mw. mr. drs. S.M. Borkent
                                                             Onderwerp
                                                             beëindiging onderzoek

Geachte heer Van Rooij,

Naar aanleiding van de reactie van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport laat ik u weten dat ik heb besloten om het onderzoek naar uw klacht te Beëindigen.

Op 20 juli 1997 heeft u zich tot de Nationale ombudsman gewend met een klacht over de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. De klacht is als volgt geformuleerd:

Verzoeker klaagt erover dat de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport tot het moment waarop hij zich tot de Nationale ombudsman wendde (20 juli 1997) nog niet had gereageerd op zijn brief van 28 maart 1997, die hij had gericht aan de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid gezamenlijk.

Omdat uw klacht betrekkelijk eenvoudig te onderzoeken was, is deze op 18 september 1997 telefonisch aan het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport voorgelegd. De oorzaak van de late start van het onderzoek was onder meer gelegen in de onderbezetting van het Bureau Nationale ombudsman tijdens de vakantieperiode en tevens in het feit dat op uw verzoek om het onderzoek niet door de substituut-ombudsman te laten uitvoeren door de Nationale ombudsman persoonlijk moest worden gereageerd. De Nationale ombudsman is tijdens de desbetreffende periode ook enige tijd afwezig geweest.

Uw hiervoor genoemde verzoek heb ik niet gehonoreerd, omdat mij niet duidelijk is op welke klacht u doelt wanneer u stelt dat de substituut-ombudsman een eerdere klacht van u niet in behandeling zou hebben genomen zonder inhoudelijke motivering. Ter voorlichting deel ik u mee dat binnen ons instituut de navolgende taakverdeling is gemaakt. De substituut-ombudsman leidt het onderzoek dat wordt verricht door de desbetreffende onderzoeker en de Nationale ombudsman geeft zijn oordeel over de onderzochte klacht. Er was in uw geval, op grond van de door u verstrekte gegevens, geen enkele reden om van deze werkwijze af te wijken.

Naar aanleiding van het telefonische verzoek om informatie reageerde het Ministerie bij faxbericht van 24 september 1997. Hieruit bleek dat uw brief van 28 maart 1997 inmiddels is beantwoord op 22 augustus 1997. Tevens deelde de desbetreffende ambtenaar mee dat u tussentijds op de hoogte was gesteld van mogelijke vertraging die in de beantwoording van uw brief zou kunnen optreden vanwege de noodzakelijke afstemming van de beide betrokken departementen.

Nu u inmiddels een inhoudelijk antwoord op uw brief heeft ontvangen, zie ik geeft aanleiding het onderzoek naar aanleiding van uw klacht voort te zetten. Ik heb dan ook besloten dit te beëindigen. Een kopie van deze brief wordt gestuurd aan de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Ik dank u voor het vertrouwen dat u in de Nationale ombudsman hebt gesteld.

Met vriendelijke groet en hoogachting,