Voor versnipperd links is er geen toekomst

EuroStaete . . Politiek .. . Klokkenluiders <==> SDN . . Kamerzetel 151 . . Kiesraad

Links van het centrum ontstaan opnieuw steeds meer kleine partijen

Forum, 5 juni 1997

Door: Herman Verbeek

    (In Frankrijk is weer eens aangetoond wat klein-links wal vermag als het verenigd verkiezingen ingaat. In Nederland zouden SP) de Groenen en GroenLinks dit voorbeeld moeten volgen, bepleit Herman Verbeek anders dwingt de kiezer hen er wel toe.

DE GESCHIEDENIS herhaalt zich. Links van het centrum ontstaan opnieuw steeds meer kleine partijen. In 1989 trokken PPR, PSP en CPN daaruit een verstandige conclusie: zij gingen samen op in GroenLinks. Het geheel werd meer dan de som der delen. Maar het succes ervan is te gering gebleven, en lijkt te stagneren.

GroenLinks staat voor drie strategische problemen. Als ze te veel naar het midden beweegt, maakt de partij zichzelf overbodig. Als ze op één man leunt, fractieleider Paul Rosenmöller, dreigt het D'66-van Mierlo effect, en zakt de partij weg na het verdwijnen van de leider. En het meest acute gevaar: linkse kiezers dreigen massaal op Kok te gaan stemmen om een premierschap van Bolkestein te voorkomen. Volgens enquêtes zou GroenLinks nog maar één zetel groeien, van 5 naar 6. Te weinig om iets aan de immense milieuproblemen te kunnen doen.

De Socialistische Partij kampt met soortgelijke problemen. De SP is Marijnissen aan het worden. Hij zou de partij - bij verkiezingen op dit moment - aan vier zetels helpen (tegenover twee in de huidige Kamer), maar dat is te weinig voor de om zich heen grijpende armoede in Nederland. De Groenen ten slotte, kunnen op eigen kracht mogelijk 1 - 2 zetels in de Kamer behalen.

Deze opdeling van politieke krachten is onverantwoord. Op politieke splinters wordt niet gestemd, want macht hebben ze niet. Dat het anders kan, wordt elders in Europa bewezen. In Duitsland bestaat links van de SPD slechts een partij, Die Grünen. Daarin verzamelen zich alle linkse en ecologische stromingen. Dat zet de discussie binnen de partij dikwijls onder grote druk, maar werpt niettemin vruchten af. Die Grünen trekken zo'n 10 procent van de stemmen, en maken deel uit van verschillende deelstaatregeringen. In Frankrijk hebben socialisten, Groenen, klein-links en de communisten een verbond gesloten dat bij de jongste parlementsverkiezingen hoogst succesvol bleek te zijn. Ook in Nederland zouden sociale en ecologische, rode en groene politieke bewegingen hun krachten moeten bundelen. Wie vaststelt hoeveel leden en begunstigers milieu- en natuurorganisaties tellen, hoe sterk organisaties voor armen, werklozen, vrouwen, vluchtelingen groeien, moet zich de vraag stellen hoe die maatschappelijke stromingen een brede politieke bedding kan worden geboden.

Sociale en ecologische problemen hangen nauw met elkaar samen. Wie de milieukosten van producten wil doorberekenen aan de consument, moet daar inkomensherverdeling bijvoegen. Wie vaststelt dat armen meer ziekten hebben en eerder sterven, moet meer doen aan rechtvaardige bestaansmogelijkheden voor iedereen, omwille van volksgezondheid en milieuhygiëne.

PPR, PSP en CPN dachten dat zij voor eeuwig elkaars concurrenten waren. Totdat de kiezers zich van hen afkeerden. Zo bezien, is GroenLinks een succesverhaal. Maar de fusiebeweging aan de linker flank van de Nederlandse politiek zou zich moeten voortzetten. We zijn nog een jaar van de kamerverkiezingen verwijderd. Partijbesturen van GroenLinks, SP en De Groenen zouden met open geest en agenda's rond de tafel moeten gaan zitten. Eén gezamenlijk kernprogram, een lijst en een fractie moeten zijn te verwezenlijken.

In vier jaar gezamenlijke parlementaire arbeid kan dan worden bezien of een fusie reëel is en tot een politieke en electorale meerwaarde' leidt. Geleidelijk zal de kiezer de grote sociale en ecologische problemen dan aan zo'n versterkte partij willen toevertrouwen. Dan ook komt regeringsdeelname in het vizier. Blijkt er in de huidige drie partijen nog te veel onmacht en onwil te bestaan om zo'n samenwerking aan te gaan, dan zal de kiezer eertijds een hard vonnis vellen over klein-links. Overal moeten mensen zich schikken en samenwerken. Als kiezer verlenen zij daarvoor aan politieke partijen geen dispensatie.

Herman Verbeek is priester en oud-lid van de groene fractie in het Europees Parlement.



De originele tekst van Herman Verbeek volgt hierna.

Laat Groenlinks, SP en De Groenen samenwerken

De geschiedenis herhaalt zich. Links van het centrum ontwikkelen zich te veel en te kleine partijen. In de jaren '80 trokken daaruit PPR, PSP en CPN verstandige consequenties. In 1989 gingen zij samen en vormden GroenLinks. Het geheel werd meer dan de som der delen. naar het succes ervan is te gering gebleven en blijkt te stagneren. GroenLinks staat voor drie strategische problemen. Als het zich teveel naar het midden beweegt, maakt het zichzelf daar overbodig. Als het op één man leunt, fractieleider Rosenmöller, dreigt het D'66-van Mierlo effect, met het verdwijnen van de leider zakt de partij weg. En het meest acute gevaar: de kiezer blijkt in enquêtes nu al aan te geven op Kok en de PvdA te zullen stemmen, om een kabinet Kok-2 te waarborgen, met een premier en een PvdA die niet de gegijzelden mogen worden van een grotere VVD. GroenLinks zou nog maar één zetel groeien, van 5 naar 6. Te weinig voor de immense milieuproblemen.

Ook de SP heeft met soortgelijke factoren te maken. De SP is Marijnissen aan het worden, in het beeld van de media. Hij is het kamerlid van klasse, en dat vergroten camera's en kranten. De voorspelde verdubbeling van het aantal zetels, van 2 op 4, is respectabel, maar te weinig voor de om zich heen grijpende armoede in Nederland.

De Groenen kunnen op eigen kracht mogelijk 1 2 zetels in de Kamer behalen. Zij groeien sterk in ledental. In de steden waar zij in de gemeenteraden werken, vallen zij op. O.a. in Amsterdam, Leiden, Rotterdam, Nijmegen, Zwolle. In de Eerste Kamer hebben zij Martin Bierman, samen met regionale partijen. Aan de gemeenteraadsverkiezingen in maart zullen de Groenen voor het eerst in aanzienlijk meer plaatsen deelnemen.

Deze opdeling van politieke krachten is onverantwoord. GroenLinks, SP en De Groenen zijn te kleine partijen voor te grote problemen. Je kunt met goede kamerleden het parlementaire debat verscherpen, maar macht voor besluiten en wetgeving heb je niet, laat staan voor regeringsdeelname. Met deze versnippering van krachten kan de bewuste sociaal-ecologische kiezer niet de 2000-grens over. Op politieke splinters en sektes wordt terecht niet gestemd.

Dat het anders kan, wordt elders in Europa bewezen. In Duitsland is links van de SPD maar één partij, die Grünen. Daarin verzamelen zich alle Linkse en ecologische maatschappelijke bewegingen, krachten en kiezers. Dat zet de discussie binnen de partij dikwijls onder grote druk, maar dat werpt vruchten af. Die Grünen maken deel uit van regeringen in deelstaten als Hessen, Niedersachsen en Nordrheinwestfalen. Ze maken grote kans het volgend jaar met de SPD eindelijk een einde te kunnen maken aan de regering-Kohl. Die Grünen scoren overal In Duitsland boven de 10%. GroenLinks zou met 6 zetels in de Tweede Kamer nog maar op 4% komen. In Frankrijk is een verkiezingsverbond gesloten tussen de partijen van socialisten, communisten en groenen, Daarmee is in de eerste ronde aan de Chirac-Juppé macht een zware slag toegebracht. Regerend rechts zakte naar 36.1%. De linkse rood-groene coalitie haalde 42%. Als Jospin met die coalitie gaat regeren, zullen de Franse groenen ministers leveren.

Duitsland en Frankrijk, kernlanden van de Europese politieke economie, lijden 't ergst onder recessie. De werkloosheid in beide landen ligt boven de 10% en wordt onhoudbaar hoog. De bezuinigingen voor het euro-regiem drukken des te zwaarder op de onderklassen. Dat mobiliseert de kiezer. Ook richting extreem-rechts, het Front National groeide naar 15%.

In Nederland profiteert het poldermodel van de geografische ligging van ons land, de rivierendelta heeft Nederland gemaakt tot handels-, transport- en transitoland. Rotterdam en Schiphol zijn daarvan de sleutelpunten. Maar dit succes van het deltamodel is tegelijk de dreiging ervan. De groei loopt in Nederland het ergst en het snelst vast. Het is een gigantische ecologische en sociale wolk die boven ons hoofd hangt. Sociale en ecologische, rode en groene politieke bewegingen moeten hun krachten bundelen. Wie vaststelt hoeveel leden en begunstigers milieu- en natuurorganisaties tellen, hoe sterk organisaties voor armen, werklozen, vrouwen, vluchtelingen groeien, moet zich als partij de vraag stellen, hoe die maatschappelijke stromingen een brede politieke bedding kan worden geboden.

Het sociale en ecologische zijn onlosmakelijk. Wie de ecologische kostprijs wil doorberekenen in de winkel, moet daar een stuk inkomensherverdeling bijvoegen. Wie vaststelt dat armen meer ziekten hebben en eerder sterven, moet meer doen aan rechtvaardige bestaansmogelijkheden voor ieder, omwille van volksgezondheid en milieuhygiëne.

PPR, PSP en CPN dachten dat zij voor eeuwig elkaars aartsconcurrenten waren. Totdat de kiezer zich afkeerde. De CPN was uit de Kamer weggestemd, de PSP had nog één zetel, de PPR twee. De fusie van '89 is nu bijna 10 jaar oud. Opnieuw dreigt de versplintering. Het is nog een jaar voor de komende Kamerverkiezingen. Partijbesturen van GroenLinks, SP en De Groenen zouden met open geest en agenda's rond de tafel moeten gaan zitten. Eén gezamenlijk kernprogram, lijst en reactie moet te doen zijn. In vier jaar parlementaire gezamenlijke arbeid kan dan worden bezien of fusie reëel is en tot politieke en electorale meerwaarde leidt, Geleidelijk zal de kiezer de zware sociale en ecologische problemen van de komende eeuw dan aan zo'n versterkte partij toevertrouwen. Dan ook komt een regeerpositie in het vizier.

Blijkt er in de huidige drie partijen nog teveel onmacht en onwil te bestaan om zo'n urgente samenwerking aan te gaan, dan kunnen bilaterale mogelijkheden worden onderzocht, een lijst en een fractie GroenLinks-De Groenen, Groenlinks-SP, of SP-De Groenen. Als ook daar niets van zou komen, blijven gescheiden partijen over. Daar zal de kiezer zich over uitspreken. De uitspraak zou een hard vonnis kunnen zijn. Overal moeten mensen zich schikken en samenwerken, als kiezer verlenen zij daarvoor aan partijen geen dispensatie.

    Herman Verbeek is priester en oud-lid van de groene fractie in het Europese parlement en nu kandidaat voor De Groenen.