Verzoek om onderzoek naar de integriteit van Arrondissementsrechtbank te 's-Hertogenbosch


EuroStaete . . . Milieu . . . Klokkenluiders <====> SDN . . . Schandpaal

Ing. A.M.L. van Rooij

Milieu- en Veiligheidskundige

Henry George (1839-1897): De Aarde behoort toe aan alle levende wezens

                          AANTEKENEN
                          met ontvangstbevestiging
                                                           
't Achterom 9a            Sint Oedenrode
5491 XD                   10 augustus 1997
Sint Oedenrode
Tel. 0413-490387          Per fax verstuurd
Fax. 0413-490386          073 - 6816371
                          10 augustus 1997 
                          Tevens (excl. bijlage)


Uw zaaknummers:                                 Mijn kenmerken:
  Awb 94/8909----------------------------------------BSR/019/B
  Awb 94/5225----------------------------------------BSR/007/B
  Awb 94/8913----------------------------------------BSR/017/B
  Awb 94/7172----------------------------------------BSR/013/B
  Awb 94/7174----------------------------------------BSR/014/B
  Awb 95/3497----------------------------------------BSR/029/B
  Awb 95/8498----------------------------------------BSR/016/B
  Awb 95/9240----------------------------------------BSR/030/B

    Betreft: Reactie op Uw brief van 4 augustus 1997 en tevens verzoek om een onafhankelijk onderzoek in te stellen naar de binnen de Arrondissementsrechtbank te 's-Hertogenbosch geïnfiltreerde misdaad.

     

    Aan: Mr. H.F.M. Hofhuis (persoonlijk)
    President van de Arrondissementsrechtbank
    sector Bestuursrecht,
    Postbus 90155,
    5200 MG 's-Hertogenbosch.

    Geachte Heer Hofhuis,

Bij brief van 29 juli 1997 heb ik U in bovengenoemde zaken nadere stukken laten toekomen. Uit die inhoud kunt U opmaken dat de zware georganiseerde misdaad (Hickson Garantor B.V. te Nijmegen en Burgemeester en Wethouders van Sint Oedenrode etc. etc.) er financieel heel veel belang bij heeft dat de in geding zijnde impregneerinstallatie bij de Gebr. Van Aarle B.V. in bedrijf blijft.

Middels betreffende impregneerinstallatie wordt namelijk jaarlijks zo'n 5000 m3 hout volgeperst met uiterst sterk arseenhoudend en chroom VI houdend gevaarlijk afval van de metaalindustrie en ertssmelterijen.

Deze zware georganiseerde misdaad (Hickson Garantor B.V. te Nijmegen en Burgemeester en Wethouders van Sint Oedenrode etc. etc.) gebruikt op deze manier het bedrijf Gebr. Van Aarle B.V. als dekmantel om via het door Gebr. Van Aarle B.V. geproduceerde product "gewolmaniseerd hout" jaarlijks zo'n 7000 kg. Arseenzuur en zo'n 15.000 kg. Chroomtrioxide (chroom VI-oxide) diffuus in de compartimenten water, bodem en lucht te dumpen. Betreffende stoffen bezitten de volgende eigenschappen.

Arseenzuur.

  • is een zwarte lijststof voor water, bodem en lucht.
  • is gevaarlijk afval bij een concentratie van > 50 mg/kg arseen aan droge stofgehalte. (KOMO-gekeurd gewolmaniseerd hout bevat 1700 mg/kg).
  • Is kankerverwekkend (klasse 1 = zwaarste klasse).
  • Is verdacht reprotoxisch.
  • kan gemakkelijk via de huid het lichaam binnendringen.

 

Chroomtrioxide.

  • is een zwarte lijststof voor lucht
  • is gevaarlijk afval bij een concentratie van > 50 mg/kg chroom VI aan droge stofgehalte. (KOMO-gekeurd gewolmaniseerd hout bevat 2600 mg/kg).
  • is kankerverwekkend (Klasse 1 = zwaarste klasse).
  • is genotoxisch carcinogeen, hetgeen inhoudt dat het éénmalig binnen krijgen van één molecuul op termijn (5 tot 30 jaar later) al kanker kan veroorzaken.

Deze stoffen zijn zo gevaarlijk voor mens, dier en milieu dat zij op grond van Nationale wetgeving- en EEG-regelgeving via een maximale brongerichte aanpak met de best bestaande techniek uit de compartimenten water, bodem en lucht moeten worden geweerd. Aan het diffuus dumpen van enorme hoeveelheden arseenzuur en chroomtrioxide via het door de Gebr. Van Aarle B.V. gemaakte product "gewolmaniseerd hout" verdient de zware georganiseerde misdaad zeer veel geld. Zoveel zelfs dat zij zich binnen Uw rechtbank hebben weten te infiltreren tot op het niveau van coördinerend Vice-president Mr. M.F.A.M. Povel en coördinerend Vice-president Mr. P.H.C.M. Schoemaker, hetgeen ik hieronder zal onderbouwen.

Al op 9 november 1992 heeft de Afdeling Rechtspraak van de Raad van State in zaaknrs. S03.92.2379, S03.92.3127, S03.92.3448 en S03.92.3848 uitgesproken dat de Gebr. Van Aarle B.V. zijn in geding zijnde impregneerinstallatie heeft gebouwd zonder een daarvoor vereiste bouwvergunning en dat Burgemeester en Wethouders om die reden bevoegd waren om de Gebr. Van Aarle B.V. onder aanzegging van bestuursdwang te gelasten tot verwijdering van betreffende impregneerinstallatie (bijlage 1).

Ondanks deze uitspraak van de Raad van State weigerden Burgemeester en Wethouders de Gebr. Van Aarle B.V. onder aanzegging van bestuursdwang te gelasten tot verwijdering van de in geding zijnde impregneerinstallatie. Burgemeester en Wethouders weigerden zelfs de Gebr. Van Aarle B.V. te verplichten tot het aanvragen van een bouwvergunning voor de in geding zijnde impregneerinstallatie. Dit ondanks het feit in artikel 40 van de woningwet letterlijk de volgende tekst staat:

    " Het is verboden te bouwen zonder of in afwijking van een schriftelijke vergunning van Burgemeester en Wethouders"

en in artikel 108 van de Woningwet letterlijk het volgende staat geschreven:

    "overtreding van artikel 40 wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste zes maanden of geldboete van de derde categorie".

Voor bewijslast zie bijgevoegde artikelen 40 en 108 uit de Woningwet (bijlage 2).

    Juist om die reden heb ik middels een Kort Geding bij de President van de Arrondissementsrechtbank te 's-Hertogenbosch geprobeerd mijn recht te halen. Coördinerend Vice-president Mr. M.F.A.M. Povel heeft namens U uitgesproken dat de Gebr. Van Aarle B.V. mocht doorgaan met het gebruik van zijn illegaal gebouwde impregneerinstallatie. In die uitspraak werd de Gebr. Van Aarle B.V. door Mr. M.F.A.M. Povel zelfs niet verplicht tot het aanvragen van een bouwvergunning voor zijn illegaal gebouwde impregneerinstallatie. Voor bewijslast zie bijgevoegde uitspraak van 1 juli 1993, rolnummer 208/93, van Mr. M.F.A.M. Povel, fungerend President van de Arrondissementsrechtbank te 's-Hertogenbosch (bijlage 3).

    Deze uitspraak, alswel de uitspraak van 1 juli 1993, rolnummer 177/93 (bijlage 4), waarbij door Mr. M.F.A.M. Povel werd uitgesproken:

    • dat niet voldoende aannemelijk is gemaakt dat de in de sloot gevonden arseen en chroom verontreiniging van boven de saneringswaarde afkomstig is van het bedrijf Gebr. Van Aarle B.V.
    • dat niet voldoende aannemelijk is gemaakt dat door de Gebr. Van Aarle via het riool verontreinigd bedrijfsafvalwater is geloosd
    • dat een voor iedereen toegankelijke sloot welke is verontreinigd met arseen van boven de saneringswaarde niet ernstig is en om die reden geen prioriteit geniet,

    bevreemdde mij in erge mate. Temeer omdat uit onderzoek, uitgevoerd door de gemeente Uden, is vast komen te staan dat de gewichtsverhouding van de gevonden arseen en chroomverontreiniging (1:3) in de sloot naast het bedrijventerrein van de Gebr. Van Aarle B.V. in overeenstemming is van het door de Gebr. Van Aarle B.V. gebruikte wolmanzout, waardoor de herkomst logisch lijkt. Voor bewijslast, zie bijgevoegd onderzoekrapport van 4 oktober 1988 van de Gemeente Uden aan de heer C. Kerstholt van de Gemeente Sint Oedenrode (bijlage 5).

    Temeer omdat uit onderzoek van het waterschap De Dommel is vast komen te staan dat de Gebr. Van Aarle B.V. via een rioolput op zijn bedrijventerrein via een onder de fietspad gelegen schoonwaterriool jarenlang ernstig met arseen, koper en chroom verontreinigd bedrijfsafvalwater (8 x saneringswaarde) heeft geloosd (loost) in onze omgevingssloten. Voor bewijslast, zie bijgevoegd onderzoekrapport van 31 juli 1991 (kenmerk:91.2627 KM) van het waterschap De Dommel.(bijlage 6)

    Na recente inzage in het "bijbanenregister" van rechters en rechter-plaatsvervangers is mij duidelijk geworden waarom fgd. President Mr. M.F.A.M. Povel toentertijd als zodanig heeft uitgesproken. Advocaat procureur Mr. J.H.W.M. Op de Coul, die de belangen van Burgemeester en Wethouders behartigde, was ten tijde van de uitspraak (en is nog steeds) rechter-plaatsvervanger bij de Arrondissementsrechtbank te 's-Hertogenbosch en derhalve een collega van fungerend President Mr. M.F.A.M. Povel.

    Bij het inzien van het "bijbanenregister" viel mij op dat Mr. J.H.W.M. Op de Coul tegenover U heeft verzwegen dat hij benevens rechter-plaatsvervanger ook een betaalde baan heeft bij het advocatenkantoor "Prinsen van der Putt Advocaten & Notarissen" te Eindhoven. Het zal U duidelijk zijn waarom Mr. J.H.W.M. Op de Coul dit voor U verzwijgt. Mr. J.J.C.M. Groenen van het advocatenkantoor "Bogaerts en Groenen advocaten" die via Mr. J.F.R.M. Willems de belangen van de Gebr. Van Aarle B.V. behartigt was ten tijde van de uitspraak kantonrechter-plaatsvervanger in 's-Hertogenbosch en is vanaf 4 februari 1994 ook nog rechter-plaatsvervanger bij de Arrondissementsrechtbank te 's-Hertogenbosch.

    Volgens de gids van de rechterlijke macht 1996 had het advocatenkantoor "Bogaerts en Groenen" in 1995 en daarvoor ook Mr. I.B.N. Keizer in dienst. Het is hierbij goed te weten dat ik uit betrouwbare bronnen heb vernomen dat Mr. I.B.N. Keizer vanaf 1 oktober 1989 RAIO is bij de rechtbank te 's-Hertogenbosch, per 1 oktober 1995 gerechtsauditeur is geworden bij de rechtbank te 's-Hertogenbosch en op gelijke datum rechter-plaatsvervanger bij de rechtbank te 's-Hertogenbosch en de rechtbank te 's-Gravenhage is geworden. Op dit moment is Mr. I.B.N. Keizer werkzaam als rechter bij de Arrondissementsrechtbank te 's-Hertogenbosch.

    Bovengenoemde dubbele petten en verstrengelde belangen van zowel Mr. J.H.W.M. Op de Coul alswel het advocatenkantoor "Bogaerts en Groenen advocaten" heeft fungerend President Mr. M.F.A.M. Povel toentertijd tegenover mij en mijn advocaat Mr. G. Bouwman opzettelijk verzwegen. Hiermede heb ik de bewijslast geleverd dat de zware georganiseerde misdaad zich via advocaten (advocatenkantoren) die binnen hetzelfde arrondissement tevens rechter-plaatsvervanger zijn (rechter plaatsvervangers in dienst hebben) zich binnen de rechtbank te 's-Hertogenbosch heeft weten te infiltreren tot op het niveau van coördinerend Vice-president Mr. M.F.A.M. Povel. Dit verklaart ook de inhoud van de brief van 4 augustus 1997 die coördinerend Vice-president Mr. P.H.C.M. Schoemaker namens U als reactie op mijn bij brief van 29 juli 1997 nader toegezonden stukken inzake bovengenoemde zaaknummers heeft geschreven (bijlage 7).

    Coördinerend Vice-president Mr. P.H.C.M. Schoemaker heeft de met de impregneerketel samenhangende zaken al bijna 3 jaar lang zodanig weten te coördineren dat die mijn verzoeken om het treffen van voorlopige voorziening (kenmerken:BSR/017/VV en BSR/019/VV) door fungerend president Mr. A.C.J. van Dooijeweert heeft laten uitspreken zonder hoorzitting, ondanks mijn nadrukkelijk verzoek daarom. In betreffende uitspraken wijst fungerend President Mr. A.C.J. van Dooijeweert onder de zaaknummers Awb 94/8912 VV en Awb 94/8907 VV mijn verzoeken om het treffen van voorlopige voorziening van resp. 19 oktober 1994 (kenmerk:BSR/017/VV) en 21 oktober 1994 (kenmerk: BSR/019/VV) af zonder inhoudelijke motivatie met verwijzing naar de uitspraak van 11 oktober 1994 (registratienummers Awb 94/5223VV en Awb 94/5226 VV) zonder hoorzitting en derhalve zonder mijn toestemming. Voor bewijslast zie bijgevoegde uitspraken Awb 94/8912 VV en Awb 94/8907 VV van 24 november 1994 van fungerend President Mr. A.C.J. van Dooijeweert (bijlage 8 en 9).

    Met deze coördinatietruc heeft coördinerend Vice-president Mr. P.H.C.M. Schoemaker weten te realiseren dat fungerend President Mr. A.C.J. van Dooijeweert enkel en alleen uitspraak heeft gedaan op mijn verzoek om het treffen van voorlopige voorziening van 18 juli 1994 (kenmerk:BSR/007/VV) tegen de weigering om te beschikken op mijn bezwaarschrift van 11 januari 1994 door Burgemeester en Wethouders van Sint Oedenrode.

    Hiermede heeft fungerend President Mr. A.C.J. van Dooijeweert bij uitspraak van 11 oktober 1994 (zaaknummers Awb 94/5223 VV en Awb 94/5226 VV) naar ondergetekende en Carl Tissen import export B.V. te Luyksgestel de schijn gewekt dat de bestreden besluiten van 13 september 1994 (nummers:94-119, 94-174 en 94-27) van Burgemeester en Wethouders lopende de beroepsprocedure zijn geschorst, terwijl dit in werkelijkheid niet het geval is. Voor bewijslast zie bijgevoegd besluit van 11 juli 1997 (nummer 97 1589/971542) van Burgemeester en Wethouders waarbij zij mijn verzoek om toepassing van bestuursdwang afwijzen met de mededeling:

      "Ten aanzien van Uw verzoek om bestuursdwang inzake de impregneerinstallatie delen wij U mede dat de daarvoor afgegeven bouwvergunning rechtens nog steeds geldig is hetgeen betekent dat er geen grond is bestuursdwang toe te passen (bijlage 10)"

    Als gevolg van bovengenoemd misdadig handelen van zowel coördinerend Vice-president Mr. P.H.C.M. Schoemaker alswel fungerend President Mr. A.C.J. Dooijeweert heeft de Gebr. Van Aarle B.V. zijn impregneeractiviteiten 3 jaar langer kunnen voortzetten en gedurende die 3 jaar zo'n 21.000 kg. Arseenzuur en 45.000 kg. Chroomtrioxide (zwarte lijststoffen) via het door hem geproduceerde product "gewolmaniseerd hout" diffuus in de compartimenten water, bodem en lucht kunnen dumpen in strijd met onze Nationale wetgeving en onderliggende EEG-regelgeving. Hieraan heeft de zware georganiseerde misdaad (Hickson Garantor te Nijmegen, Burgemeester en Wethouders van Sint Oedenrode, etc.etc) heel veel geld verdiend.

    Om deze zware georganiseerde misdaad nog langer behulpzaam te zijn en om zijn eigen misdadig handelen te kunnen verschonen, heeft coördinerend Vice-president P.H.C.M. Schoemaker besloten om de volgende beroepschriften Awb 94/8909, Awb 94/5225, Awb 94/8911, Awb 94/8913, Awb 94/7172, Awb 94/7174, Awb 94/5227, Awb 94/8916 en Awb 94/9943, welke zijn gericht tegen verschillende besluiten van Burgemeester en Wethouders, een gevoegde behandeling te geven. Met deze gevoegde behandeling (vermenging van verschillende zaken) wil coördinerend Vice-president Mr. P.H.C.M. Schoemaker bewerkstelligen dat de zware georganiseerde misdaad kan doorgaan met het dumpen van enorme hoeveelheden arseenzuur en chroomtrioxide (gevaarlijk afval van de metaalindustrie en ertssmelterijen) via het door Gebr. Van Aarle B.V. geproduceerde product "gewolmaniseerd hout". Dit alles met als doel de zware georganiseerde misdaad daarmee enorm te verrijken ten koste van het leefbaar houden van geheel Nederland.

    Dit ondanks het feit Dr. H.A.M.A. de Vries, Regionaal inspecteur van de Volksgezondheid voor de Milieuhygiëne, mede namens de inspecteur van de Ruimtelijke Ordening bij brief van 12 december 1988 (kenmerk 16N8020/vdl) ondergetekende en Burgemeester en Wethouders kenbaar heeft gemaakt dat de oprichting van de in geding zijnde impregneerketel bij de Gebr. Van Aarle B.V. in strijd is met het vigerend gemeentelijke bestemmingsplan (bijlage 11).

    Dit ondanks het feit P. Boel, inspecteur van de Ruimtelijke Ordening, bij brief van 15 juni 1989 (kenmerk 8906/94 PB/IW) Burgemeester en Wethouders nogmaals kenbaar heeft gemaakt dat de oprichting van betreffende impregneerketel in zôneringstermen in categorie 5 thuishoort en derhalve niet thuishoort in het buitengebied temidden van woningen pal naast het ecologisch kerngebied van het Dommeldal (bijlage 12).

    Dit ondanks het feit ook Gedeputeerde Staten van de Provincie Noord Brabant bij brief van 5 september 1989 (kenmerk:16176) Burgemeester en Wethouders kenbaar hebben gemaakt dat zij zich achter de mening van de inspecteur van de Ruimtelijke Ordening en de Regionaal inspecteur van de Volksgezondheid voor de milieuhygiëne scharen (bijlage 13).

    Dit ondanks het feit Dr. H.A.M.A. de Vries, Regionaal inspecteur van de Volksgezondheid voor de milieuhygiëne, bij brief van 5 september 1989 (kenmerk:2589012/vdl) ondergetekende en Burgemeester en Wethouders nogmaals kenbaar heeft gemaakt dat hij verlening van bouwvergunning voor de in geding zijnde impregneerinstallatie in strijd acht met het vigerende bestemmingsplan. In diezelfde brief maakt de Regionaal inspecteur Dr. H.A.M.A. de Vries Burgemeester en Wethouders ook kenbaar dat alvorens met de bouw van een houtimpregneerinstallatie kan worden begonnen eerst het terrein gesaneerd dient te zijn (bijlage 14).

    Ondanks deze stringente aanbeveling van de Regionaal inspecteur van de Volksgezondheid voor de milieuhygiëne heeft de Gebr. Van Aarle B.V. in 1991 en 1992 van Burgemeester en Wethouders de in geding zijnde impregneerinstallatie mogen bouwen zonder een daarvoor vereiste bouwvergunning en derhalve zonder toetsing aan het vigerende gemeentelijke bestemmingsplan buitengebied en zonder voorafgaande sanering van betreffend sterk verontreinigd bedrijventerrein. Het zal U duidelijk zijn dat Burgemeester en Wethouders ter verrijking van eerder genoemde zware georganiseerde misdaad bovengenoemde adviezen van de inspecteur van de Ruimtelijke Ordening, de Regionaal inspecteur van Volksgezondheid voor de milieuhygiëne en Gedeputeerde Staten van Noord Brabant opzettelijk hebben genegeerd.

    Uit vorenstaande kunt U opmaken dat coördinerend Vice-president Mr. P.H.C.M. Schoemaker, coördinerend Vice-president Mr. M.F.A.M. Povel, fungerend President A.C.J. van Dooijeweert, diverse griffiers, etc, mede door toedoen van rechter-plaatsvervanger Mr. J.H.W.M. Op de Coul (tevens advocaat procureur voor de gemeente Sint Oedenrode), rechter plaatsvervanger Mr. J.J.C.M. Groenen (werkzaam bij het advocatenkantoor "Bogaerts en Groenen advocaten" die de belangen van Gebr. Van Aarle B.V. behartigt) en mogelijk ook rechter Mr. I.B.N. Keizer, (voorheen rechter -plaatsvervanger en tevens advocaat bij "Bogaerts en Groenen advocaten") intussen zodanig diep in eerder genoemde zware georganiseerde misdaad betrokken zijn geraakt dat als gevolg daarvan geen onafhankelijke uitspraken meer mogelijk zijn.

    Ik richt aan U als hoogst verantwoordelijk President daarom het nadrukkelijke verzoek om een onafhankelijk onderzoek in te stellen naar bovengenoemde, binnen de Arrondissementsrechtbank te 's-Hertogenbosch, geïnfiltreerde zware georganiseerde misdaad waarbij hoor- en wederhoor wordt toegepast. Tevens verzoek ik U de behandeling van bovengenoemde beroepschriften uit te stellen totdat het hierboven verzochte onafhankelijk onderzoek is afgerond en mij dat vóór 13 augustus a.s. schriftelijk te bevestigen.

    Uit vorenstaande kunt U tevens opmaken dat opgemelde beroepschriften door coördinerend Vice-president Mr. A.H.C.M. Schoemaker gecoördineerd worden behandeld om daarmee de zware georganiseerde misdaad behulpzaam te zijn en tevens te verrijken. Om die reden richt ik aan U nogmaals het nadrukkelijke verzoek om opgemelde beroepschriften apart te behandelen met een aparte uitspraak op schrift. Ook dit verzoek ik U mij vóór 13 augustus a.s. schriftelijk te bevestigen.

    Behoudens Uw schriftelijke bevestiging vóór 13 augustus a.s., waarbij U ingaat op hetgeen ik U verzoek, staat voor mij vast dat de zware georganiseerde misdaad zich heeft weten te infiltreren tot op het allerhoogste niveau binnen de Arrondissementsrechtbank te 's-Hertogenbosch. Hiermede heeft de Arrondissementsrechtbank te 's-Hertogenbosch haar onafhankelijke positie verloren. Hiervan zal ik dan aangifte doen bij de Minister van Justitie en Minister van Binnenlandse zaken. Daarbij zal ik deze brief en mijn onderliggende brief van 29 juli 1997 aan U overleggen.

    Tevens zal ik de Tweede Kamer der Staten Generaal verzoeken om middels een parlementaire enquête een onafhankelijk onderzoek in te stellen naar de binnen de Arrondissementsrechtbank te 's-Hertogenbosch geïnfiltreerde zware georganiseerde misdaad. Ook zal ik hiervan de landelijke media en media van de overige lidstaten binnen de Europese gemeenschap op de hoogte brengen.

    Vertrouwende op de verzochte schriftelijke bevestiging vóór 13 augustus a.s. teken ik,

    Hoogachtend,



      Ing. A.M.L. van Rooij

      Milieu- en Veiligheidskundige

    
    
    
    Bijlagen:

    1. Blz. 1 en 7 uit uitspraak no's S03.92.2379, S03.92.3127, S03.92.3448 en SA03.92.3848 van 9 november 1992 van de Afdeling Rechtspraak van de Raad van State (2 pagina's).
    2. Artikel 40 en 108 uit de Woningwet (1 pagina).
    3. Uitspraak van 1 juli 1993, rolnummer 208/93, van fungerend president Mr. M.F.A.M. Povel van de Arrondissementsrechtbank te 's-Hertogenbosch. (5 pagina's).
    4. Uitspraak van 1 juli 1993, rolnummer 177/93, van fungerend president Mr. M.F.A.M. Povel van de Arrondissementsrechtbank te 's-Hertogenbosch (3 pagina's).
    5. Onderzoekrapport van 4 oktober 1988 van de Gemeente Uden aan de gemeente Sint Oedenrode t.a.v. de Heer C. Kerstholt (4 pagina's).
    6. Brief van 31 juli 1991, kenmerk 91.2627/KM van het waterschap De Dommel aan het bedrijf Gebr. Van Aarle B.V. (4 pagina's).
    7. Uw brief van 4 augustus 1997 als reactie op mijn bij brief van 29 juli 1997 nader toegezonden stukken (2 pagina's).
    8. Uw uitspraak van 24 november 1994, zaaknr. Awb 94/8912 VV (2 pagina's).
    9. Uw uitspraak van 24 november 1994, zaaknr. Awb 94/8907 (2 pagina's).
    10. Besluit van 11 juli 1997, nummer 97.1589/971542 van Burgemeester en Wethouders van Sint Oedenrode (3 pagina's).
    11. Brief van 12 december 1988, kenmerk 16N8020/vdl, van Dr. H.A.M.A. de Vries, Regionaal inspecteur van de Volksgezondheid voor de milieuhygiëne (2 pagina's).
    12. Brief van 15 juni 1989, kenmerk 8906/94 PB/IW, van P. Boel, inspecteur van de Ruimtelijke Ordening (1 pagina).
    13. Brief van 5 september 1989, kenmerk 16176, van Gedeputeerde Staten van Noord Brabant (1 pagina).
    14. Brief van 5 september 1989, kenmerk 2589012/vdl, van Dr. H.A.M.A. de Vries, Regionaal inspecteur van de Volksgezondheid voor de milieuhygiëne (1 pagina).

      Milieu-onderwerpen
      Integriteit Rechterlijke Macht
      Brief aan stichting SDN over een uitzending op Brabant TV