Federal Reserve staat voor onmogelijke taak

EuroStaete . . Kamerzetel 151 . . Klokkenluiders <==> SDN . . Euroramp . . Discussie . . Lef

Britse en Nederlandse banken leenden fors bij FED

Thursday, 02 December 2010 12:54

Britse banken, aangevoerd door Barclays, leenden tijdens de crisis meer dan $ 1 triljoen (is 1 biljoen in Europa) van de Amerikaanse Federal Reserve. De onthullingen werden gedaan omdat de Dodd-Frank Wall Street Reform Act de Fed heeft gedwongen te publiceren aan welke banken en bedrijven ze geld heeft geleend in een poging om het financiële systeem te stutten. (Vraag: waar komt dat biljoen dollar plotseling vandaan? R.B.)

Barclays

De Fed heeft woensdag de details vrijgegeven van meer dan 21.000 individuele transacties, die laten zien dat Britse banken bijna een derde van het totaalbedrag (zo'n $ 3,3 triljoen) hebben geleend. Barclays leende in totaal een slordige $863 miljard van de Fed. De bedragen staan alleen voor het totale geldbedrag wat de banken en bedrijven hebben geleend, niet voor wat ze al met al hebben uitstaan aan schulden. Op de lijst zien we verder de Royal Bank of Scotland en Bank of Scotland terug met respectievelijk $446 en $181 miljard aan leningen.

Nederlandse banken

Ook Nederlandse banken en bedrijven hebben fors geld geleend bij de Fed op het hoogtepunt van de crisis. Zo leende de Amerikaanse dochter van Rabobank vele miljarden dollars en zat Fortis stevig aan het infuus van de Amerikaanse centrale bank. Het Amerikaanse kantoor van Rabobank leende cumulatief zo’n $ 23 miljard en bij Fortis ging het vlak voor de val om een totaalbedrag van $5 miljard. Ook ABN Amro en ING leenden bij de Fed.

Grotere tekorten

De Royal Bank of Scotland zegt inmiddels niet meer mee te doen aan het plan van de Fed en dat de bank het aantal leningen bij centrale banken ‘flink heeft gereduceerd’. Door de noodmaatregelen van de Amerikaanse centrale bank zijn de tekorten van de genoemde landen flink groter geworden. De National Commission on Fiscal Responsibility, in februari van dit jaar aangesteld door president Obama, waarschuwde reeds dat overheidsuitgaven drastisch moeten worden teruggedrongen en dat het belastingsysteem moet worden herzien.

Bron: Telegraph.co.uk



DONDERDAG 25 MEI 2000 / 9

Als de VS er niet in slagen de oververhitte economie af te koelen, kan dat ook gevolgen hebben voor Europa. Robert J. Samuelson is er niet gerust op dat het de Federal Reserve zal lukken een einde te maken aan de speculatie op de beurs zonder een recessie te veroorzaken.

IEDEREEN met enig historisch besef beziet met spanning en ongerustheid de pogingen van de Federal Reserve om de oververhitte Amerikaanse economie af te koelen. Sinds juni 1999 heeft de Fed stapsgewijs de rente verhoogd van 4,75 naar 6,5 procent, met de bedoeling om de speculatiehausse op de beurs in te tomen zonder een recessie te veroorzaken of de inflatie op te jagen. Dat is een bijna bovenmenselijke opgave. Iedere speculatiegolf, die niet op een of andere manier wordt ingedamd, eindigt in een ineenstorting van de markt. Prijzen ?in het bijzonder die van aandelen en grond ?die op een bepaald moment nog redelijk leken, worden opeens gezien als buiten alle proporties, met als gevolg dat onroerend goed of aandelenportefeuilles in waarde dalen en de bezitters ervan armer worden. Niettemin hebben pogingen om de overspannen economie te temperen vaak geen effect (omdat de speculatiekoorts te hevig is), of ze hebben juist een averechts effect en versnellen de economische neergang.

De Amerikaanse centrale bank staat voor een groot dilemma. Ingrijpen kan tot een ramp leiden, maar niet ingrijpen eveneens. Primair dient de Fed zich te richten op de overconsumptie en niet op de aandelenmarkt. Al zeven jaar stijgt de consumptie in de VS sneller dan het besteedbaar inkomen. Door de hoge beurskoersen en de hoge lonen is het consumentenvertrouwen bijna onbegrensd. De toegenomen consumptie jaagt de hausse nog meer op en nu ligt het inflatie ten de koersen op en drukten de werkloosheid. Hetzelfde gebeurde in Japan in de jaren tachtig.

Ook de VS hebben hun portie aan slecht afgelopen speculatiegolven gehad. Iedereen kent die van de jaren twintig. In 1929 verhoogde de Fed de rente met het argument dat er een speculatiehausse was die doorbroken moest worden. Wat de beursgekte opdreef, was paradoxaal genoeg het vertrouwen in de Fed. Tot het begin van de 20ste eeuw gingen banken om de haverklap failliet, met alle instabiliteit voor de economie van dien. In 1913 riep het Congres de Fed in het leven om deze deconfitures een halt toe te roepen. Tegen het eind van de jaren twintig leek dit te zijn gelukt. De depressie van de jaren dertig hielp iedereen uit de droom. Minder bekend is de grondspeculatiegolf in de jaren dertig van de 19de eeuw. De agrarische sector bloeide als nooit tevoren.

Van 1830 tot 1836 stegen de prijzen voor katoen en graan met tweederde. De federale grondverkoop kende een geweldige boom en steeg van een miljoen ha in 1830 naar 10 miljoen ha in 1836. Ineens stortte de markt in. President Andrew Jackson wilde in 1836 de grondspeculatie een halt toeroepen via zijn Specie Circular. Daarin werd bepaald dat voortaan alleen nog gouden en zilveren munten ('specie') gebruikt mochten worden als betaalmiddel bij grondaankopen, en geen papiergeld. In 1837 en 1839 gingen daardoor veel banken failliet. De daarop volgende krach was een van de ergste uit de Amerikaanse geschiedenis.

Wat aan al deze hausses ten grondslag lag, was de euforie ten opzichte van de economie. In de jaren dertig van de 19de eeuw gaven de Amerikaanse staten in hun grenzeloze optimisme als gekken obligaties uit voor de aanleg van spoorwegen en kanalen, zodat de agrarische producten sneller naar hun bestemming getransporteerd konden worden. In 1842 waren acht staten niet meer bij machte om hun obligaties af te lossen. In de jaren tachtig van de 20ste eeuw had iedereen zeer hoge verwachtingen van Japan. Voor toe te slaan. In theorie zouden hogere rentetarieven inderdaad de consumptie net genoeg kunnen matigen om de inflatie te beperken en een recessie te voorkomen. Maar werkt het in de praktijk ook zo?

Alles hangt met alles samen. In 1992 gaven de consumenten 91 procent van hun besteedbaar inkomen uit en spaarden de rest. In 1999 gaven ze bijna 98 procent van hun inkomen uit. Dankzij deze toename van de consumptie zijn de bedrijfswinsten gestegen. Hierdoor zijn de koersen en de investeringen gestegen. Stel nu dat door een afname van de consumptie dit hele proces omslaat. Zouden de economie en de markt dan een zachte landing maken? Of zou dat het begin betekenen van een periode van stagnatie? Wat de Fed ook doet, zwaar weer lijkt onafwendbaar.

Uit het verleden valt weinig hoop te putten. Talloze speculatiehausses kenden een slechte afloop. De Aziëcrisis van 1997-'98 was niet meer dan de laatste in een lange reeks. De banken waren veel te scheutig met kredieten voor de bouw van kantoren en fabrieken, die niet genoeg winst genereerden om de leningen te kunnen terugbetalen. Maar in eerste instantie dreven deze kredie

Aziatische wonder. Er leken geen grenzen aan de groei te zijn. Gaat er nu niet een belletje rinkelen? Natuurlijk hoeft de geschiedenis zich niet te herhalen. Amerika heeft al een hele tijd geleden de gouden standaard - de oorzaak van de crisis in de jaren dertig losgelaten. De economie groeit zo snel dat een kleine teruggang niet direct tot stagnatie hoeft te leiden. Zodra de groei te veel achterblijft, kan de Fed altijd weer de rente verlagen.

Kijken we naar de geschiedenis, dan is pessimisme toch eerder op zijn plaats. In de woorden van de economisch historicus Peter Temin: 'De poging van de Fed in 1929 om het onheil te keren leek nog het meest op een riskante chirurgische operatie. Het doel was om een einde te maken aan de ongebreidelde speculatie zonder de economische bedrijvigheid te schaden - een bijna onmogelijke opgave. De Fed probeert dat nu opnieuw, en het is nog altijd een bijna onmogelijke opgave'. Dat kan niemand betwisten.

Robert j. Samuelson is econoom en columnist van Newsweek. ©